Protestantse Gemeente Garyp
Doarpsmienskip

Overdenking

‘1 januari – waar denkt u dan aan?’

Misschien is 1 januari voor u de dag van uitslapen na een late nacht, uitbuiken van de oliebollen… en je realiseren dat het wellicht tijd is om na de afgelopen feestdagen toch weer wat beter op ‘gezond eten’ te letten. Dan kunnen de feestdag-kilo’s weer verdwijnen. Wellicht denkt u ook aan goede voornemens – die helaas, zo is de bewezen praktijk, voor 90% zijn gesneuveld  voordat het blue Monday is, de derde maandag van januari.
1 januari – de start van het nieuwe jaar, voelt voor velen toch als ‘een schone lei’. Wat gaat het nieuwe jaar brengen? Wat wordt hopelijk anders? Wat mag gaan groeien? Maar soms ook als een berg om tegenop te zien: Wat gaan we missen? Wíe gaan we missen? Wat gaat er komen?
Maar wist u, dat op de kerkelijke kalender de kerkdienst van 1 januari vanouds héél weinig te maken heeft met de wisseling van het jaartal op de burgerlijke kalender? In de vroege kerk werd kerst wel gevierd – maar veel minder groots dan nu. Niet de geboorte, maar – en daarin zien we iets van de Joodse achtergrond van het evangelie – de Naamgeving en Besnijdenis waren een hoogfeest. En dát werd op 1 januari gevierd. Hier lezen we over in het slot van het kerstevangelie van Lucas, Lucas 2:21, een stukje dat wij vaak overslaan. Het is ook maar één versje, waar dit zeer sober genoemd wordt: “Toen er acht dagen verstreken waren, en Hij besneden zou worden, kreeg Hij de naam Jezus, die de engel had genoemd voordat Hij in de schoot van Zijn moeder was ontvangen.”
Jezus – een naam vól van betekenis. Jesjoea, als je de Hebreeuwse naam fonetisch schrijft. En zoals veel bijbelse namen, is ook dit een naam die is samengesteld uit twee delen Je – shoea: Je of Jah is de verkorte versie van de heilige Godsnaam. Shoea is een werkwoordsvorm: Hij redt. Deze naam betekent dus: De HEER redt. Een naam, die álles zegt over waarom dit Kind dat Maria zou baren, zo bijzonder is. Over wie Hij is, en wat Hij zal doen. Is het u wel eens opgevallen, dat Lucas in zijn Kerstevangelie helemaal niet de naam van het Kind noemt dat geboren is, en dat de herders zullen vinden in de kribbe? Wél dat Hij de Messias is, de Gezalfde. Maar géén naam klinkt er in de Kerstnacht. Naar goed Joods gebruik werd de naam namelijk pas bekend gemaakt als een kind 8 dagen oud is, en een jongetje besneden wordt. Dán klinkt Zijn naam: Jezus. Een naam, die het hele Evangelie in zich draagt.
Daarom hoort vanouds bij 1 januari deze Bijbeltekst: In de naam van Jezus zal alle knie zich buigen en alle tong zal belijden, dat Jezus Christus de Heer is. [ Filippenzen 2: 10-11 ] Als we met die kennis in het hoofd, én dat verlangen in het hart, het nieuwe jaar zullen beginnen, dan zal het een goede start zijn.

ds. Jacolien de Lange