Protestantse Gemeente Garyp
Doarpsmienskip

Overdenking

Zo Vader, Zo Zoon...

Kent u dat tv programma nog? Zo Vader, Zo Zoon. Inmiddels al zo’n twintig jaar van tv verdwenen, denk ik. De bedoeling was, dat het panel uit de vier verschillende “zonen” de echte zoon van de – bekende – vader zouden herkennen. En dat konden ze doen, door vragen te stellen. Als de “zonen” vertelden over hun vader, dan zou je de “echte” zoon moeten kunnen herkennen. Het leverde soms de mooiste verhalen op. Maar het bleek vaak nog niet zo eenvoudig, om de juiste zoon aan de vader te koppelen. Een zoon bleek vaak minder op de vader te lijken, dan het panel hoopte. En wie op de vader scheen te lijken, bleek dan weer niet de zoon. Regelmatig gebeurde het, dat een pleegzoon of adoptiezoon zó zeer op de vader leek, dat hij werd aangezien voor de enige “echte” zoon van de vader….
Als wij in het Nieuwe Testament over Jezus lezen, dan zeggen we ook vaak: “Zo Vader, Zo Zoon”. Of: “Hij is sprekend Zijn Vader.” Wie goed naar Jezus kijkt, naar wat Hij gezegd heeft, naar wat Hij gedaan heeft – die kan ook heel veel ontdekken over Zijn Vader. Maar het werkt ook omgekeerd. Wij belijden van de Vader, dat Hij trouw is. Jezus is zijn leven lang, tot in de dood toe, trouw gebleven aan de mensen om Hem heen. We belijden van de Vader, dat Hij liefdevol is. Jezus was vol van liefde, juist ook naar mensen die over het algemeen weinig liefde verwachtten: de sociale outcasts, de randfiguren, de mensen die over het hoofd gezien werden. We belijden van de Vader, dat Hij het onrecht niet accepteert. We weten van Jezus, dat Hij heel scherp veroordeelde, en soms zelfs woedend werd, als Hij onrecht tegenkwam. Zéker als dat onrecht in de naam van Zijn Vader werd gepleegd.
Wat Jezus betreft kunnen we dus zeer zeker zeggen: Zo Vader, Zo Zoon. Kijk naar hoe de Zoon is, en je zult heel veel ontdekken over de Vader. In Zijn daden, maar zéker ook in Zijn spreken, Zijn onderwijs, Zijn bemoedigende woorden en zelfs in Zijn kritiek. Jezus is sprekend Zijn Vader – en de Vader heeft in Hem gesproken.
Maar…. is het niet zo, dat ook wíj belijden, dat God onze Vader is? Dat Jezus onze Broeder is? Dat wij – weliswaar door adoptie, maar niettemin – Gods kinderen zijn? En als dat zo is…. zou het dan niet te verwachten zijn dat wij – in woorden en daden—door de loop van de jaren waarin wij tot kind van de Vader zijn geworden, óók op de Vader gaan lijken? Dat in óns spreken iets doorklinkt van Zijn helend spreken? Maar óók van Zijn verontwaardiging over onrecht, over machtsmisbruik, over armoede? Zou het niet zo moeten zijn, dat onze daden gaan lijken op de daden van genade en vergeving, die we van de Vader kennen? De daden van Zijn trouw – zélfs als de ander ontrouw is. Maar ook: de daden die het onrecht réchtzetten, die de onderdrukte bevrijden?
Als christenen geloven wij, kinderen van de Vader te zijn. Willen wij gaan in het voetspoor van de Zoon. Dat zijn prachtige woorden, goede voornemens en ook aansprekende beloften. Het belooft veel moois en goeds in ons leven. Want een leven dat lijkt op dat van de Vader – dat is een rijk leven. Maar: het is óók een grote opdracht. De opdracht, om onze woorden af te stemmen op Zijn woorden. Om onze daden af te stemmen op Zijn daden. Immers, als zonen en dochters mogen ook wíj het beeld van onze Vader reflecteren! Dan leren we zien door Jezus’ ogen. Laten we daar deze 40-dagentijd aan werken.

ds. Jacolien de Lange